Het Dorpsgerucht

Inleiding
 

Een verhaal in Corona tijd van, voor en door inwoners in Langeveen en Bruinehaar. In onze
dorpen in gang gezet door Thijs Oude Steenhof naar aanleiding van eenzelfde initiatief in
Drenthe.
Ja, wat een mens al niet gaat zoeken in deze tijd, waarin heel veel even niet kan, niet mag.
Wat leuks, iets waar anderen misschien ook plezier aan kunnen beleven.
Hoe dan precies het idee van Het Dorpsgerucht ontstaat, geen idee eigenlijk. Het is een heel
simpel idee: vul onderstaand dorpsgerucht aan met maximaal 5 nieuwe regels. Dat stuur je
via de mail naar een volgende dorpsgenoot met de vraag: vul 5 regels aan en stuur het naar
iemand door. En zo ontstaat langzaam maar zeker een verhaal. Waar het over gaat, hoe lang
het wordt? Geen idee, dat zal wel blijken.
Het verhaal is inmiddels vier verschillende schrijvers gepasseerd. De eerste pagina is klaar.
Dus tijd om iedereen in Langeveen en Bruinehaar mee te laten lezen. Met onderaan de
pagina de woorden: wordt vervolgd. Als pagina twee geschreven is krijgt u dat vervolg dus te
lezen. Het Dorpsgerucht zal op de website van CV De Turftrappers (www.turftrappers.nl) en
hun Facebook-pagina worden gepubliceerd om iedereen mee te laten lezen.
Al de schrijvers/schrijfsters wensen ieder veel leesplezier met Het Dorpsgerucht.

Hoofdstuk 1
 

Het is stil in het dorp in deze bijzondere Corona tijd. Met dit mooie weer hoor je eigenlijk
alleen de vele vogels. Er zijn weinig volwassenen op straat en alleen rond de speeltuintjes zie
je nog wat spelende kinderen. Voor de rest is er rust. Toch gaat het gerucht snel van mond
tot mond en weet binnen de kortste keren iedereen er van.
Op het moment dat Koning Willem Alexander op de Dam zijn toespraak houd t.a.v. de
dodenherdenking stopt met gillende remmen een lichtblauwe auto voor het huis. Achter het
stuur zit een op Al Capone achtige macho met zonnebril en een hoed op. Een vrouw van het
type Barbie stapt uit maakt een foto en stapt snel weer in waarna het stel zich uit de voeten
maakt richting Duitsland. Verbaasd kijkt het echtpaar elkaar aan. Het zal toch niet zo zijn dat
die twee figuren met pooierbak meer weten van wat er op dit moment gaande is in het
dorp.
Nauwelijks van hun verbaasdheid bekomen, ziet het echtpaar de auto al weer langs komen.
Nu richting Bruinehaar. Zou de grens dicht zitten? Zou er controle zijn? Waarom gaan ze de
grens niet over? Iets voorbij het huis stopt de auto. Al Capone stapt uit, loopt iets terug en
zoekt in de berm. Al zoekend komt hij dichter en dichter bij de woning. Opeens kijkt het
echtpaar elkaar aan. Ze kennen de man maar al te goed! Maar waarom heeft hij zich zo
vermomd? En wie is de onbekende vrouw?
Zoveel vraagtekens, snel bukken, hopelijk heeft Al Capone niet gezien dat ze hem begluren.
Wat zoekt hij in de berm. Al Capone pakt iets op, het echtpaar hoopt niet dat het is, wat ze
denken dat het is… nee, dat kan toch niet, nee, niet hier in ons dorp. Ze proberen van achter
de gordijnen de vrouw te analyseren, het is niet de vrouw die normaal hoort bij Al Capone.
Wie moeten ze zo bellen, wie kent de meeste roddels van het dorp. Normaal zou het
echtpaar even naar het café gaan voor het laatste nieuws, maar helaas de kroeg is gesloten.
De pooierbak vervolgd zijn weg. De man van het echtpaar grijpt de sleutels van het aanrecht
en zet de achtervolging in.
Het had niet veel gescheeld of hij was Al Capone uit het oog verloren, maar vlakbij de Koele
kreeg hij de blauwe auto weer in het vizier. Hij moest zorgen dat hij op enige afstand bleef,
want als Al Capone hem zou herkennen zou hij er nooit achter komen wat hij uit de berm
meenam en wie die Barbie-achtige vrouw is. De achtervolging zette zich voort op de
Gravenlandweg, maar al snel werd de auto geparkeerd bij Het Witte Kerkje. Hee, daar staat
nog een auto. Is dat niet de auto van de burgemeester? Al Capone en Barbie stappen uit en
beide stappen in bij de burgemeester.

Hoofdstuk 2


Ziet hij het goed? Ja! Het is de auto van de burgemeester. Het kan niet missen. Maar ze zit
niet zelf achter het stuur. Maar wie dan wel? En waar is de burgemeester? De man probeert
onopvallend iets dichterbij te komen, maar plots vertrekt de auto van de burgemeester met
de drie inzittenden met gierende banden weer richting de grens. De man zet wederom de
achtervolging in. Hij probeert zo dicht mogelijk te naderen om een goed beeld te krijgen van
de man achter het stuur. Plots valt hem op dat de kofferbak van zijn voorganger iets open
staat. Er hangt iets uit…
Tot zijn verbazing is het een mondkapje, of zou de hele koffer vol met mondkapjes zitten?
Voor dat hij het allemaal goed kan zien geeft de auto weer vol gas richting grens, maar slaat
dan plotseling af richting Knooperf en vervolgens door naar de Hardenbergerweg. De man
blijft volgen tot hij bij Ted is, dan ziet hij de remlichten opgloeien bij Erve Tijhuis. Zouden de
mondkapjes daar dan toch voor bedoeld zijn, en is de burgemeester daar ook…?
De auto wordt bij Erve Tijhuis achter “Het Bakhoes” geparkeerd. De man stapt uit en kijkt in
de koffer. Hij zit wat te rommelen en kijkt zeer schutterig om zich heen. Als plotseling de
hond van Anne-Lotte Tijhuis komt aanrennen gaat de man weer in de auto zitten en rijdt
weer met gillende banden het terrein af richting restaurant Waaijer. Zelf schiet ik in de stress
omdat ik de burgemeester niet heb zien zitten in de auto. Ik krijg er een unheimisch gevoel
bij. Ze zullen haar toch niet ontvoeren? Ik zet met gedoofde lichten de achtervolging in. Plots
stoppen ze opnieuw. Ze stoppen bij de fysiotherapiepraktijk van Ben Boerrigter.
Al Capone, de Barbie-achtige vrouw en de onbekende chauffeur stappen alle drie uit. Aan de
achterkant van de praktijk klimmen ze door een raampje naar binnen. Stiekem spiek ik naar
binnen en zie ik dat Al Capone zijn hoed en zonnebril afzet, het is inderdaad diegene wat ik
verwacht had. Plots zie ik dat de Barbie-achtige vrouw een bekend gezicht is van TV. Uit het
niets hoor ik ze roepen en schreeuwen en snel vlucht ik richting de kantine van de voetbal
om zo te voorkomen dat ze mij zouden zien.
De kantine zit op slot… oké oké wat nu. Ik hoor nu stemmen buiten en een slepend geluid. Ik
durf echter niet om het hoekje te kijken, ze zijn te dichtbij. Ik probeer mij te concentreren op
het slepende geluid en het lijkt of ze een groot pakket naar de auto slepen. Plots hoor ik de
stemmen akelig dichtbij en ik druk mij stevig tegen de muur. Ik heb moeite om mijn adem
onder controle te houden… voel mijn hart bonken… ik zie ineens vanuit mijn ooghoek dat er
een gedaante vanuit de andere zijde van het kantinegebouw op mij af komt.
 

Hoofdstuk 3

Wat nu, ik kijk om me heen en ontdek een opstapje waardoor ik me kan verstoppen op het dak van de voetbalkantine. Doordat het aardsdonker is lukt het me niet de onbekende gedaante te herkennen. Wat ik vanaf boven wel kan zien is dat ook deze persoon door het raampje de praktijk naar binnen glipt. Mijn hart begint nog harder te bonken en ik ga op zoek naar mijn mobiel om hulp in te schakelen. Voor ik dat kon doen zie ik plotseling Ben Boerrigter aan komen rijden. Dat is vreemd, wat moet hij hier zo laat…? Zou hij wat vergeten zijn…? Hij loopt naar de deur en draait het van het slot.
Het licht in de praktijk gaat aan. Ik kan het nu beter zien, maar nog niet duidelijk genoeg. Ik buk wat verder voorover. Shit… dit gaat niet goed, ik val met een harde gil en een harde smak van het dak. Overal voel ik pijn. Ik hoor snelle voetstappen naar mij toekomen, ik probeer op te staan en weg te vluchten, maar dat lukt me niet zo snel. Voordat ik het weet word ik geblinddoekt en bij mijn armen en benen meegenomen.
Daar zit ik dan, vastgebonden aan de crosstrainer. Ze vragen aan me of ik alleen ben of dat me vrouw ook ergens verstopt zit om het gebouw, “want die is wel zo nieuwsgierig” krijg ik nog als een sneer mee. Als ik niet gauw genoeg antwoord zetten ze de crosstrainer aan. Ik ren me een ongeluk en gelukkig zetten ze hem stil. Ik antwoord dat ik alleen ben, want zien zij mijn vrouw al het dak op klimmen? Denk het niet hè! Verbaasd kijken we nu naar elkaar en beginnen spontaan allemaal te lachen. Wat moet dit allemaal voorstellen vraag ik?
De lol is er nu wel af jongens! Ik weet niet waar jullie mee bezig zijn, maar iets in mij zegt dat deze situatie niet klopt. Zelf word ik alleen maar bozer, omdat deze gasten helemaal niets zeggen, geen woord. Maar voordat ik het weet lig ik alweer “tussen al die mondkapjes” in de kofferbak van de auto en rijden weer weg. Na enige tijd stopt de auto en de kofferbak gaat open… en ik schrik me een ongeluk. We staan midden op de Bruinehaarse heide en wie zijn er nog meer… mijn eigen vrouw en de burgemeester………!!
Wat ga ik doen? Ik besluit voor mezelf ze te volgen en in te grijpen waar nodig, dit kan allemaal niet waar zijn en er moet iets gebeuren! Ze lopen richting het kerkhof, bah, hier krijg ik wel een heel naar gevoel bij. Ik moet me telkens verstoppen en heel zachtjes doen zodat ze me niet zien en horen. Toch wil ik deze nare situatie doorbreken en zorgen dat ze mijn vrouw en de burgemeester vrij laten en ik ze weer mee kan nemen richting ons huis en de burgemeester weer veilig naar de ‘parel van Twente’ kan brengen. Zij kan dan weer verder met vergaderen over onze nieuwe multifunctionele accommodatie waar alle dorpsgeruchten besproken kunnen worden.
 

Hoofdstuk 4

Bij het kerkhof aangekomen ben ik de groep mensen uit het oog verloren. Nee, toch niet, ik
zie nog net een glimp van de burgemeester die achter een grafsteen naar beneden lijkt te
lopen. Er zal op deze plek toch geen geheime schuilplaats zijn gemaakt? Of een ruimte om
onder het toeziend oog van de burgemeester, notabene de baas van de gevestigde orde,
criminele activiteiten te bespreken. Dus dit is wat ze met recht de onderwereld noemen.
Ik besluit achter de burgemeester aan te gaan. Na het nemen van een steile trap kom ik een
bordje tegen: “Dhr. Maakepikt, voor al uw los- en vastgoedzaken die het daglicht niet
kunnen verdragen”. Het ruikt hier niet zo fris en ik twijfel of ik wel naar binnen wil gaan. Dan
zie ik dat ik een munt van twee euro moet inwerpen om de deur te openen. Zuchtend trek ik
de knip uit mijn broekzak, ik had het kunnen verwachten.
Ik zet de deur op een kier en wat ik zie overtreft mijn allergrootste verbazing: een grote
loods met tientallen vaten van zo’n 3 meter hoog. Ik kan ook in één keer die rare lucht
plaatsen: gist en hop. Dit is warempel een illegale bierbrouwerij! Waarmee ook de
aanwezigheid van Bonnie St. Claire is verklaart. Maar wat is dan de rol van de burgemeester?
Ze staat dicht bij alle inwoners. Zou ze in verband met het huidige alcoholverbod door
Corona, Langeveen en Bruinehaar ook na 20:00 uur van bier willen voorzien? En Maakepikt
en z’n vastgoedzaken? Er zijn wel vaker kerken omgedoopt tot een brouwerij, net als de
Menistenkerk in Enschede. Dat zou geweldig zijn! Ik sluip langzaam dichterbij om te horen of
m’n vermoedens juist zijn. En ik vraag me natuurlijk af wat m’n vrouw hierbij doet? Ze houdt
geen eens van bier?
Zou de burgemeester het bier soldaat willen maken? In een bizarre tijd waarbij Rutte zelfs
spreekt over een mogelijke lockdown en een avondklok in Twente. De burgemeester ziet
argwanend toe hoe er over de avondklok wordt gesproken. Langeveen op slot? Reuring in ’t
dorp? Bonnie, we moeten zo snel mogelijk wel hier voordat de klok begint te tikken. Als ze
me hier vinden dan kan ik mijn Pareltjes van Twente wel vergeten. Vol gooien die truck en
rijden. Met een volgeladen “bier” truck rijden ze de Striepe in richting Uelsen: 17.58 uur
aankomst in Neuenhaus - alles klar! De stinkende diesel raast uit in een verlaten bos. In een
vervallen schuur worden de vaten onder een grote lading stro weggemoffeld.
Wordt vervolgd…